zekerheden van leveranciers: voorbehouden pandrecht

Welke zekerheden kan een leverancier inroepen als zijn afnemer in faillissement komt te verkeren? Te denken valt (onder andere) aan een eigendomsvoorbehoud, een voorbehouden pandrecht en het recht van reclame. In deze bijdrage zal het voorbehouden pandrecht worden besproken.

Het voorbehouden pandrecht ontstaat niet van rechtswege, maar dient uitdrukkelijk te worden bedongen, hetgeen ook geldt voor een eigendomsvoorbehoud.

Het voorbehouden pandrecht en het eigendomsvoorbehoud zijn (primair) gericht op zekerheidsverschaffing aan een leverancier. Ten opzichte van het eigendomsvoorbehoud heeft het voorbehouden pandrecht een aantal voordelen, maar ook nadelen.

Het belangrijkste voordeel is dat bij een voorbehouden pandrecht voor een onbeperkt aantal vorderingen zekerheid kan worden verschaft, terwijl dit bij het eigendomsvoorbehoud beperkt is. Het grootse nadeel is gelegen in de vestigingsformaliteiten, althans wanneer het een ‘stil’ pandrecht betreft. Een stil pandrecht wordt gevestigd door middel van een geregistreerde onderhandse akte of een authentieke akte, terwijl een eigendomsvoorbehoud contractueel kan worden geregeld. Een ander nadeel betreft de wijze van uitwinning. Een pandhouder heeft zich te houden aan executieformaliteiten, terwijl bij een eigendomsvoorbehoud de leverancier de afgeleverde zaken eenvoudig kan terugnemen.

faillissement

In geval van een faillissement staat de leverancier met een voorbehouden pandrecht buiten de boedel. De leverancier kan zijn rechten uitoefenen alsof er geen faillissement was. Uiteraard dient hij wel het fiscale bodemvoorrecht te respecteren. De curator zal beoordelen of aan de vestigingsformaliteiten is voldaan, maar ook of de vorderingen van de pandhouder wel voldoende bepaalbaar zijn.

Het niet respecteren van een voorbehouden pandrecht kan leiden tot aansprakelijkheid van de curator.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.